vrijdag 29 mei 2009

Maya Mysteriën Ontwaken - Verklarende Woordenlijst

Verheldering van het geloof, kalenders en veranderingen van deze tijd.

Verklarende Woordenlijst

Aap: werd waarschijnlijk met het westen geïdentificeerd en is het totemdier van het dagteken B’atz’.

Aarde: wordt gezien als vrouwelijk, doordat de zaden in de aarde uitgroeien tot planten, bomen en vruchten; het is de baarmoeder. Aarde is het element van de westelijke richting.

Ah Puch: is de god van de doden in de Dresden Codex, voordat zijn naam ontcijferd was werd hij God A’ genoemd. Foto K771 van Justin Kerr toont twee vormen van God A’: eerst als de god van de jacht, waarbij hij een dood hert in een net draagt en daarna als een god die voor een persoon staat die een ziekte heeft waardoor je maag brandt. In de Popol Vuh heet hij Keme. Zie Keme.

Auilix: Auilix werd door Balam Acab in een dal in het woud achtergelaten, dat tegenwoordig Pa Auilix heet.

Azuur cotinga: een vogel met metaalkleurige blauwe veren. De Latijnse naam is cotinga amabilis.

Bakab: dit zijn de kosmosdragers, met op iedere hoofdrichting één wezen. Deze vier kosmosdragers hebben in verschillende regio’s andere namen, maar wel voor iedere richting dezelfde kleur en worden ook wel Pawahtun of Chak genoemd. Zie Chak.

Balam Acab: hij is één van de vier eerste vaderen na de zondvloed en is de voorouder van de Nihaib tak van de K’iche’ stamboom, hij is verbonden met het westen en aarde.

Balam Quitze: hij is één van de vier eerste vaderen na de zondvloed en is de voorouder van de K’iche’ stamboom, hij is verbonden met het oosten en vuur.

Bij: is het totemdier van het dagteken Kawuq, dat in Yucatan Cauac wordt genoemd, de vier hemeldragers, de Bakabs, zijn de beschermheren van de bijenhouders.

Bijl: zijn voorwerpen van bliksem, lichtflitsen of bliksemflitsen.

Bloed: wordt door de Maya’s beschouwd als de meest waardevolle stof, doordat het de geest of de essentie van de voorouders bevat.

Bolon ti k’u: de Negen Heren van de Nacht, de goden van de spirituele wereld. De Negen Heren van de Nacht bij de Maya’s zijn volgens mij: K’awil, Hacavitz, Hunahpu, Wuqub Hunahpu, Keme, Soevereine Gucumatz, Chak Chel, Itzamna en Chak.
Bolon ti k’u wordt ook wel eens als Bolon Yokte K’u geschreven. De Bolon ti k’u zullen volgens de Maya profetie afdalen aan het begin van de Vijfde Zon.

Buidelrat: zie possum.

Cabauil: is een algemeen woord voor god.

Cabracan: kon de bergen die zijn broer Zipacna had gemaakt de volgende dag weer vernietigen, hij kon de bergen laten schudden. Cabracan en Zipacna zijn de twee zonen van Wuqub Kaquix (Zeven Ara). Cabracan wordt in de Popol Vuh door Hunahpu en Xbalanque in het Oosten verslagen.

Chak: zijn naam wordt ook vaak als Chac geschreven, dit zijn vier goden die voor de vier richtingen staan en verschijnen vaak in de vorm van regen en worden daardoor ook wel regengoden genoemd. De namen van de vier Chaks zijn: de rode Chak Xib Chak in het oosten, de witte Zak Xib Chak in het noorden, de zwarte Ek Xib Chak in het westen en de gele Kan Xib Chak in het zuiden (Xib in de namen van deze vier Chaks wordt ook wel als Cib geschreven). Samen vormen ze de god Chak en worden vaak geassocieerd met het einde van het jaar, met wedergeboorte en met de vier richtingen. Volgens mij is Chak de Negende Heer van de Nacht.

Chak Chel: ze is de moedergodin, haar naam betekent Grote of Rode Regenboog, in de Popol Vuh en in de hooglanden wordt ze Xmucane genoemd. Chak Chel wordt met vernietiging en creatie geassocieerd, in de vorm als vernietigster is ze verpersoonlijkt in de vorm van water. Ze is een godin van overstromingen en wolkbreuken en is de oude maangodin van de zondvloed, ze is samen met Itzamna het voornaamste wezen van de schepping, en ze is het symbool voor voorspellingen, medicijnen, geboorte van kinderen, vroedvrouwen en weefsters. Chak Chel is de beschermster van Nummer 5 en volgens mij is ze de Zevende Heer van de Nacht. Haar partner is Itzamna, die in de Popol Vuh Xpiyacoc heet. Voordat de hiëroglief van haar naam was ontcijferd werd ze Godin O genoemd en ze wordt ook vaak Ix Chel genoemd. Haar naam wordt ook wel eens als Sak Chel geschreven.

Chak Xib Chak: de rode Chak (Bakab) voor het oosten. Zie ook Chak.

Chalchiuhtlicue: ze is de Azteekse godin van stromend en vruchtbaar water, een godin van geboorte, beschermster van werkende vrouwen en van het daggezicht Coatl, dat overeen komt met het daggezicht Kan in de Tzolk’in. Ze is de Azteekse Zesde Heer van de Nacht.

Chimalmat: ze is de vrouw van Wuqub Kaquix en ze wordt door Maya onderzoekers gelijk gesteld aan het sterrenbeeld de Kleine Beer, dat in de buurt van de Grote Beer ligt. Ik betwijfel dit en hoogstwaarschijnlijk was een rat het symbool voor de Kleine Beer. Misschien was haar sterrenbeeld veel groter dan de Kleine Beer, want haar naam bevat het woord ‘schild’, dat misschien betrekking heeft op het sterrenbeeld Draak dat in de buurt van de Kleine Beer ligt en de grens van haar schild vormde.

Ch’ipi Kaqulja’: zijn naam betekent letterlijk ‘Jongste of Kleinste Bliksemflits’ en vormt samen met Kaqulja’ Huracan en Raxa Kaqulja’ de drie bliksemgoden uit de Popol Vuh. Ze bestonden ook bij de Maya’s in de laaglanden en staan daar algemeen bekend als de drie goden van Palenque: GI, GII en GIII. Deze drie bliksemgoden kun je zien als de drie creaties of de drie kinderen van Huracan, ze verwijzen ook naar de planeten die aan het hemelgewelf rond gingen draaien. Ch’ipi Kaqulja’ en daardoor ook GII is de god K’awil. Zie K’awil en GII.

Cinteotl: hij is een Azteekse god en bij de Azteken de Vierde Heer van de Nacht, heeft vrouwelijke aspecten, is het symbool voor een jonge maïsplant, de beschermer van het daggezicht Cozcacuauhtli en hij is ook de heer van het Nummer 7. Het daggezicht Cozcacuauhtli is de Azteekse variant van het daggezicht Ahmak uit de Tzolk’in kalender. De Azteekse moeder van Cinteotl is Tlazolteotl en zij wordt beschouwd als de moeder van de goden, ze is de grootmoeder en ze lijkt dus sterk op Xmucane.

Conjunctie: twee planeten staan in conjunctie als ze vanaf de aarde gezien in één lijn en in dezelfde graad van de Dierenriem staan.

Coyote: een coyote wordt ook wel prairiewolf genoemd en is nauw verwant aan de wolf. Maya’s associëren coyotes met de nacht en Hunahpu Coyote is een titel voor de scheppende grootmoeder Xmucane. De Latijnse naam voor coyote is canis iatrans.

Derde Zon: de Derde Zon begon volgens mij op 12 mei 8.239 voor Chr. en eindigde op 10 augustus 3.114 voor Chr. De Lange Telling datums rond het begin van de Derde Zon waren volgens mij als volgt:
11 mei 8.239 v. Chr.: 12.19.19.17.19
12 mei 8.239 v. Chr.: 13.0.0.0.0, ook wel: 0.0.0.0.0
13 mei 8.239 v. Chr.: 0.0.0.0.1

Ecliptica: de baan waarlangs de zon en de sterrenbeelden van de Dierenriem schijnbaar rond de aarde draaien.

Eerste Vader: zie Hun Hunahpu.

Eerste Vijf Hemel: dit is het centrum van de Melkweg.

Eerste Zon: de Eerste Zon begon volgens mij op 21 december 18.489 voor Chr. en eindigde op 20 maart 13.364 voor Chr. De Lange Telling datums rond het begin van het Eerste Zon waren waarschijnlijk als volgt:
10 november 18.490 v. Chr.: 12.19.19.17.19
11 november 18.490 v. Chr.: 13.0.0.0.0, ook wel: 0.0.0.0.0
12 november 18.490 v. Chr.: 0.0.0.0.1

Ek Chuah: zijn naam betekent Zwarte Ster en hij is de god met de lange neus, hij is afgebeeld als een dansende clown op een klassieke Maya vaas en is de god van de cacaotelers. Ek Chuah wordt soms ook met de staart van een schorpioen afgebeeld, dit sterrenbeeld ligt bij het centrum van de Melkweg. Toen zijn naamhiëroglief nog niet ontcijferd was werd hij God M genoemd. Ek Chuah kwam niet voor bij de klassieke Maya’s en heeft veel overeenkomsten met God L, beiden zijn beschermers van de handelaren. Ek Chuah is volgens mij Itzamna.

Ek’ Way: de ingang aan de zuidkant van de Melkweg als de Melkweg vanaf de aarde gezien rechtop staat, dus in een noord-zuid richting. Ek’ Way betekent letterlijk de ‘Zwarte Omzetter’.

Ek Xib Chak: de zwarte Chak (Bakab) van het westen. Zie Chak.

Equinox: dit zijn twee dagen in het jaar waarop de dag en de nacht even lang duren, doordat de zon dan loodrecht boven de evenaar staat. Dit gebeurt op of rond 21 maart en op of rond 23 september, op beide dagen komt de zon dan precies in het oosten op.

Giergod: zie God F.

God A: dit is geen god, maar gewoon een skelet.

God A’: dit is de echte God A volgens het lettersysteem dat Schellhas gebruikte om de diverse goden mee aan te duiden. Inmiddels is bekend dat Ah Puch de naam is van God A. Zie Ah Puch.

God B: zie Chak.

God C: dit is geen god, maar een hiëroglief dat heiligheid betekent, als een voorvoegsel staat deze hiëroglief voor het woord ch’ul, dat heilig betekent.

God CH: zie Xbalanque, is ook Yax Balam.

God D: zie Itzamna.

God E: zie Hun Hunahpu, de maïsgod.

God F: deze god is na de onderkenning van Schellhas onderverdeeld in meerdere goden: God A’ (die ook wel A2, A3 en A4 werd genoemd), Q en R. God A’ is de dodengod, God Q is ook een dodengod en God R is een positieve god.

God G: is de zonnegod en het daglicht aspect van Itzamna: K’inich Ahaw. Maya heersers associeerden zichzelf met K’inich Ahaw, de zon is immers het symbool voor al het leven. K’inich Ahaw was de beschermheilige van het Nummer Vier. Zie Itzamna.

God GI: de eerste god uit de Palenque triade, hij is volgens mij gelijk aan Hun Hunahpu, de oudste zoon van de God Xpiyacoc en de Godin Xmucane. De naam van GI wordt vaak door een titel voorafgegaan dat Hun Ye Nal kan zijn, één maïs gemanifesteerd, of Hun Yen Al, dat overeenkomt met de uitdrukking hunyecil en betekent in Yucatan overstroming en orkaan. De plaatsnaam die met GI wordt geassocieerd kan één van de volgende twee betekenissen hebben: ‘De Overeind Gezette Lucht Plaats’ of ‘Zes Lucht Plaats’. GI wordt dus geassocieerd met een plaats die ‘Zes Lucht’ heet en met de Melkweg. Zie Hun Hunahpu.

God GII: zijn naam betekent letterlijk ‘Baby K’awil’ en is de tweede god uit de Palenque triade, hij is Ch’ipi Kaqulja’ in de Popol Vuh. GII wordt in de Palenque triade als tweede genoemd, maar hij was de jongste van de drie bliksemgoden, net als Ch’ipi Kaqulja’ (Jongste Bliksemflits) die in de Popol Vuh als tweede wordt genoemd. GII is één van de vormen van K’awil en zijn naam betekent waarschijnlijk ‘Baby K’awil’, hij wordt ook een ‘rode dwerg’ genoemd; in een aantal scènes die te maken hebben met einden van perioden komen ook dwergen voor. Kaqulja’ wordt vaak als Caculha geschreven. Zie K’awil en Ch’ipi Kaqulja’.

God GIII: de derde god uit de Palenque triade, Raxa Kaqulja’ uit de Popol Vuh. Hij is waarschijnlijk één van de twee peddelgoden. God GIII is de beschermer van Nummer 7 en volgens mij is god GIII gelijk aan Wuqub Hunahpu. Zie Wuqub Hunahpu.

God H: Schellhas mengde twee goden in God H: God H en God CH. Inmiddels is bekend dat god CH Xbalanque is. God H is een jonge god die waarschijnlijk een windgod is, hij is de chicchan god, de slangengod, heeft ook een soort verbinding met de slang en staat waarschijnlijk voor het dagteken Kan in de Tzolk’in kalender. Volgens mij is God H gelijk aan Gucumatz, Soevereine Quetzal Slang. In de Dresden Codex blijkt dat God H verbonden is met het noorden en in deze codex is hij de enige god die neutraal overkomt.

Godin I: Schellhas mengde twee goden in Godin I: Godin I en Godin O. Godin I is Ix Chel, de jonge godin die een godin van vruchtbaarheid en liefde is, en Godin O is een oude godin: Chak Chel. Beiden waren echter de scheppende grootmoeder, de hoofdgodin. Zie Ix Chel en Chak Chel.

God K: zie K’awil.

God L: zijn echte naam is nog steeds onbekend, hij staat ook bekend als Mam, dat grootvader betekent. Hij heeft vaak een sigaret in zijn mond, heeft geen tanden, is de Heer van de Bovennatuurlijke Wereld, de god van het licht en de god van de handelaren in de tijd van de Klassieke Maya’s. Volgens mij is God L gelijk aan Itzamna en is hij het symbool voor de duistere kanten van Itzamna.

God M: Zie Ek Chuah. God M heeft een verband met de 584 daagse cyclus van Venus.

Godin O: Zie Chak Chel, de oude godin.

God N: God N wordt vaak gezien als Chak of als een Bakab, een werelddrager, maar David Stuart heeft aangetoond dat God N Itzamna is. De hiëroglief voor God N levert namen op als Oude Man Itzamnaah, Oude Man Geel Schildpad, Oude Man Buidelrat, Oude Man Slakkenschelp en Vier Oude Man Tuun. God N is dus een manifestatie van Itzamna. Zie Itzamna.

God P: komt alleen in de Madrid Codex voor en Schellhas noemt hem een kikkergod of een boompad. Hij is waarschijnlijk geen aparte god, maar een variant van God N. Kuk Kan is de correcte vertaling van zijn naamhiëroglief.

God Q: deze god komt in de Madrid Codex voor en is een god van de doden. De hiërogliefen van zijn naam bevatten het Nummer 10.

God R: deze god komt in de Dresden Codex voor en is een positieve god. De hiërogliefen van zijn naam bevatten het Nummer 11.

God S: zie Hunahpu.

Groene lanspuntslang: de slang die in de Popol Vuh voorkomt is waarschijnlijk de Mexicaanse mocassinslang (agkistrodon bilineatus bilineatus) en is zeer giftig. Zijn naam K’an Ti’, dat Gele Mond betekent, stamt waarschijnlijk van de gele markeringen rond zijn mond.

Gucumatz: de Soevereine Quetzal Slang. Gucumatz is verbonden met de vier kleuren rood, geel, zwart en wit, dat overeenkomt met de vier kosmische punten en met de vier windrichtingen, en hij vormt een relatie tussen de slang en de komst van regen. De Soevereine Gucumatz is de heilige samensmelting van de hoofdgod Xpiyacoc en de hoofdgodin Xmucane. De Yucatan Maya’s noemen de Soevereine Gucumatz Kukulkan, en de Azteken Quetzalcoatl. Quetzalcoatl betekent “Heilige Tweeling” en ook “Gevederde Slang”.

Hacavitz: Hacavitz werd bovenop een groot vuur huis achter gelaten, deze berg heet volgens de Popol Vuh tegenwoordig Hacavitz. Hacavitz betekent vuurberg, hij is dus verbonden met vulkanen en vuur, ik denk dat Hacavitz de Tweede Heer van de Nacht is.

Hert: het hert is een belangrijk totemdier voor sjamanen en ‘rijden op een hert’ is een Midden-Amerikaans symbool voor bewustzijnsveranderingen van sjamanen. Het hert is ook het totemdier van het daggezicht Queh uit de Tzolk’in kalender.

Hond: wordt met het noorden en de dood geassocieerd en is een symbool voor het einde. Een hond is ook het totemdier van het daggezicht Tz’i’ uit de Tzolk’in kalender.

Huehueteotl: een Azteekse god. Zie Xiuhtecuhtli.

Hun: betekent één.

Hun Ahaw: zie Hun Hunahpu.

Hunab Ku: Hart van de Hemel. In de Relacion Valladolid uit Yucatan staat het volgende: “Ze aanbaden slechts één god die de naam Hunab en Itzamnaah had, dat betekent alleen één god.”

Hunahpu: hij vormt samen met Xbalanque de jonge Heldentweeling en is de zoon van Hun Hunahpu. Hunahpu is het symbool voor de zon en volgens mij de Derde Heer van de Nacht.

Hunahpu Possum: een buidelrat met een grijze vacht, een dierlijke manifestatie van Itzamna.

Hun Batz: is samen met Hun Chouen de tweelingzoon van Hun Hunahpu en Xbaquiyalo. In de Popol Vuh maakten ze de vrouwen aan het lachen, ze werden aanbeden door de muzikanten, zangers, oudere mensen en beeldhouwers en werden veranderd in apen. Beiden zijn het symbool van de planeet Mars en zijn de beschermers van de dag B’atz uit de Tzolk’in kalender en van kunstenaars en schrijvers.

Hun Chouen: is samen met Hun Batz de tweelingzoon van Hun Hunahpu en Xbaquiyalo. In de Popol Vuh maakten ze de vrouwen aan het lachen, ze werden aanbeden door de muzikanten, zangers, oudere mensen en beeldhouwers en werden veranderd in apen. Beiden zijn het symbool van de planeet Mars en zijn de beschermers van de dag B’atz uit de Tzolk’in kalender en van kunstenaars en schrijvers.

Hun Hunahpu: hij wordt ook wel Eerste Vader en maïsgod genoemd, en werd in zijn menselijke vorm als een maïsboom afgebeeld. Nadat Hun Hunahpu in Xibalba was verslagen door de Heren van de Dood en overleed, werd hij opnieuw geboren als maïs: het voedsel voor de mensen en de grondstof waarvan de mensen werden geschapen. Hij is de vader van de jongere heldentweeling Hunahpu en Xbalanque en van de apentweelingen Hun Batz en Hun Chouen. Voordat zijn naamhiëroglief werd ontcijferd werd hij God E genoemd. Hun Hunahpu is het symbool voor de planeet Venus als Morgenster en wordt ook wel Hun Ahaw, dat Eén Ahaw betekent, genoemd. Hij is de beschermer van Nummer 8.

Hun Imix: tijdens de Klassieke Periode werd Hun Hunahpu Hun Imix genoemd. Zie Hun Hunahpu.

Hun Itzamna: zie Itzamna.

Hun Nal Ye: zie Hun Hunahpu

Huracan: Hart van de Hemel, de letterlijke vertaling is ‘Eén Zijn Been’: de as waar alles in het universum omheen draait. Huracan zorgde er dus voor dat de Melkweg om zijn as ging draaien, hij is de god met één been waar het heelal omheen draait, zodat de sterren en de planeten konden ontstaan. De Melkweg ziet er vanuit de ruimte precies als een draaikolk uit, en lijkt dus op een orkaan, de manifestatie van Huracan. Huracan omvat als wezen de levensenergie en het scheppingsvermogen, deze krachten bevinden zich volgens de Maya’s in het midden van de hemel.
Huracan is volgens mij een samensmelting van de scheppende grootouders Xmucane en Xpiyacoc, hij bevat namelijk zowel mannelijke als vrouwelijke elementen: het vrouwelijke element is water en het mannelijke element is wind, lucht. In de Popol Vuh komt Huracan over als een hoofdgod, want tijdens alle scheppingen is hij aanwezig. De drie bliksemflitsmanifestaties van Huracan kun je dus zien als zijn drie manifestaties en als zijn drie kinderen. Het zijn dus manifestaties van de kinderen van de scheppende grootouders, waarvan Hun Hunahpu (Hun Ixim) de oudste was.

Iqui Balam: hij is één van de vier eerste vaderen na de zondvloed en hij is verbonden met het zuiden en water; hij heeft geen stamboom, doordat hij geen kinderen verwekte.

Itzamna: hij is de hoogste god van de Maya laaglanden en zijn vrouw is de godin Chak Chel. In de hooglanden wordt hij Xpiyacoc genoemd en zijn vrouw Xmucane. Itzamna heeft een aantal dierlijke manifestaties: buidelrat, grote pekari (een wild zwijn dat in Midden-Amerika voorkomt), een vogel met de naam Itzam Ye, dit is de lachende valk Wak uit de Popol Vuh, en de ‘Waterlelie Vogel Slang’. Itzamna is de beschermheilige van de dag Aq’ab’al en hij is volgens mij ook de Achtste Heer van de Nacht. Itzamna wordt bijna altijd in het centrum, als centrale god, of zittend in het centrum afgebeeld. Een andere naam voor Itzamna is Yax Cocah Mut dat vertaald kan worden als: ‘de turquoise vuurvlieg vogel’, Yax in deze naam is een verwijzing naar het centrum van onze Melkweg. Zijn aardse aspect was Itzam Cab en zijn hemelse aspect is Itzam Na. Zie ook Xpiyacoc.

Itzam Ye: of Itzamnaaj, deze lachende valk is de dierlijke manifestatie van Itzamna en wordt in de Popol Vuh Wak genoemd. Op foto K5227 van Justin Kerr is Itzam Ye drie keer groot afgebeeld als een vogel met het schild van een schildpad op zijn rug. Zie ook Wak.

Itzli: hij is de god van het obsidianen mes; obsidiaan wordt ook wel vulkanisch glas genoemd. Hij is de Azteekse Tweede Heer van de Nacht.

Ix Chel: de oude jaguar godin, ze is Godin O uit de Dresden Codex. Ix Chel heeft veel aspecten, ze is de godin van water, weefkunst, verloskunde en geneeskunde. Haar naam hiëroglief in de Dresden Codex bevat het voorvoegsel rood. Ix Chel is de scheppende Grootmoeder van de laaglanden en in de hooglanden en in de Popol Vuh wordt zij Xmucane genoemd. Xmucane is in de Popol Vuh de partner van Xpiyacoc, hij wordt in de laaglanden Itzamna genoemd. De Popol Vuh somt een aantal dierlijke manifestaties van de scheppende grootouders op en Xmucane (Ix Chel) wordt daar Hunahpu Coyote en Grote Neusbeer genoemd. Documenten uit de koloniale periode vertellen over een creatiekoppel met de namen Patol, ‘maker’ en Alaghom Naom, ‘baarster, godin met kinderen’. Naom betekent spinnen en de scheppende grootmoeder was de eerste godin die katoen spinde. Ix Chel is in de codices afgebeeld met een katoen spoel, hieruit blijkt dat Ix Chel dezelfde godin is als Xmucane in de Popol Vuh.
In het verleden werd Ix Chel als de maangodin gezien, maar de Klassieke Maya maangodin wordt altijd als een jonge vrouw afgebeeld. Toch kan Ix Chel wel een symbool zijn geweest voor een bepaalde fase van de maan, namelijk de periode dat het zichtbare vlak van de maan afneemt. Deze fase wordt vaak ‘Onze Grootmoeder’ genoemd en Ix Chel kan hiervoor een symbool zijn i.v.m. de afnemende vruchtbaarheid en een eventuele oudere leeftijd. Zie ook Chak Chel en Xmucane.

Ixcozauhquie: Azteekse god, zie Xiuhtecuhtli.

Jaardrager: de heilige Tzolk’in kalender loopt synchroon met de Haäb kalender en geeft ieder jaar de eerste dag van het nieuwe jaar aan; dit kunnen slechts vier daggezichten uit de Tzolk’in kalender zijn. Deze vier daggezichten worden de Jaardragers genoemd en delen de cirkel van de twintig Tzolk’in daggezichten in vier gelijke delen. Deze vier delen staan voor de vier richtingen en de vier basis elementen. Door deze verdeling van de Tzolk’in kalender valt iedere eerste dag van een nieuw jaar dus altijd op één van deze vier Jaardragers.
De verschillende Maya volkeren gebruikten niet allemaal dezelfde Jaardragers. In Izapa, één van de eerste steden van de Maya’s, gebruikten men de Tzolk’in dagen Hunahpu, Kan, Tz’i’ en Tz’ikin als Jaardragers, waarvan Hunahpu de belangrijkste is.
De huidige K’iche’ en de Ixil Maya’s in Guatemala gebruiken de Jaardragers Queh, Ee, No’h en Iq’, waarvan Queh de belangrijkste Jaardrager is. De Maya’s in Yucatan gebruikten ook deze Jaardragers, maar stapten op een gegeven tijdens de Postklassieke periode over op andere Jaardragers: Kat, Toh, Ix en Kawuq, deze Jaardragers worden nu nog steeds in Yucatan gebruikt.

Jaguar: de jaguar is het symbool van de spirituele wereld, doordat het de belichaming is van de natuurlijke krachten. De jaguar is het dierlijke equivalent van de storm, net zo krachtig, even plotseling in zijn aanval en even destructief. Bovendien is de jaguar zowel thuis in het water als in bomen van waaruit hij op een prooi kan vallen, zoals de storm. Net zoals de storm is het een kracht die zich in de natuurlijke wereld openbaart buiten de menselijke controle, een kracht die symbolisch gezien aan de top van de ‘niet-geordende’ wilde krachten van de natuur staat. De Latijnse naam voor een jaguar is pathera onza.

Jaguar Troon Steen: de eerste steen, het symbool voor het centrum van de Melkweg.

Kalender Ronde: dit is een cyclus van bijna 52 jaar, 52 Haäb en 73 Tzolk’in cyclussen, en ontstaat door de Tzolk’in en de Haäb kalenders met elkaar te combineren. Hierdoor hebben alle dagen gedurende 52 jaar een unieke naam. De Kalender Ronde duurt in totaal 73 x 260 = 52 x 365 = 18.980 dagen, precies dertien dagen minder dan 52 zonnejaren. Twee Kalender Rondes komen precies overeen met één Venus Ronde, dit zijn 104 Haäb jaren en 146 Tzolk’in cyclussen.

K’awil: is een god met één voet en goden met één voet zijn zeldzaam in Midden-Amerika, alleen Huracan was ook een god met één voet en Tezcatlipoca bij de Azteken. K’awil heeft een lange neus die omhoog krult dat soms op de bek van een krokodil lijkt, heeft een dun lichaam, hij heeft een spiegel op zijn voorhoofd en een lemmet van een bijl door zijn hoofd. In veel afbeeldingen komt er rook uit de bijl, dat de rook van het vuur weergeeft dat door een blikseminslag ontstaat. K’awil is God K en sommige God K wezens hebben ook sigaren of fakkels in hun voorhoofd. In sommige weergaven van God K vormt één van zijn benen de staart van een slang, waarbij er vaak een wezen uit de bek van de slang te voorschijn komt. K’awil is volgens mij de Eerste Heer van de Nacht.
K’awil is god GII, van de Palenque triade. De naam hiëroglief van GII is een samenvoeging van ‘baby, kind’ en van K’awil. GII is dus ‘Baby K’awil’, een dwerg. In Momostenango is C’oxol een rode dwerg die in scheppingsverhalen voorkomt: hij sloeg de eerste K’iche’ mensen met zijn bijl, zodat het licht in hun bloed ontwaakte en zweepte zo de kennis in hen. Deze rode dwerg bracht dus de levensenergie in de mensen. GII is dus duidelijk de Maya laaglanden equivalent van Ch’ipi Kaqulja’, de Jongste / Kleinste Bliksemflits in de Popol Vuh, en is een wezen dat symbool staat voor geboorte en levensenergie.
K’awil symboliseert de spirituele kracht in materiële objecten en is waarschijnlijk het symbool voor de perioden dat Venus niet zichtbaar is. Hij is ook de essentie van menselijke koninklijke macht die de mensheid toegang geeft tot de hemelse kosmos en tot Xibalba. Hij is ook de kracht van de bliksembijl van de regengoden die de aarde openbreekt om de reïncarnatie van de maïsgod mogelijk te maken. K’awil heeft een rokende bijl door zijn voorhoofd en bijlen zijn vaak voorzien van Kawak tekens, dit zijn symbolen voor bliksem, lichtflitsen of bliksemflitsen. In de Maya kalender is het daggezicht Kawak, dat bij de K’iche’ Maya’s het daggezicht Kawuq is, het teken voor bliksem en de vier kosmosdragers zijn de beschermheiligen van dat dagteken.

Kalkoen: een kalkoen wordt beschouwd als een vogel van goed geluk en is verbonden met regen.

Kan Xib Chak: de gele Chak (Bakab) van het zuiden. Zie Chak.

Kaqulja’ Huracan: zijn naam betekent letterlijk Bliksemflits Huracan en vormt samen met Ch’ipi Kaqulja’ en Raxa Kaqulja’ de drie bliksemgoden uit de Popol Vuh. Ze bestonden ook bij de Maya’s in de laaglanden en staan algemeen bekend als de drie goden van Palenque: GI, GII en GIII. Deze drie bliksemgoden kun je zien als de drie creaties of de drie kinderen van Huracan, ze verwijzen ook naar de planeten die aan het hemelgewelf rond gingen draaien. Volgens mij is Kaqulja’ Huracan en daardoor ook GI Hun Hunahpu. Zie Hun Hunahpu.

Keme: de god van de doden. In de Popol Vuh heet hij Hun Keme en Wuqub Keme, Eén Dood en Zeven Dood, dat voor alle aspecten van Keme staat. Hij is de beschermer van het Nummer 6, van het daggezicht Keme in de Tzolk’in kalender en is volgens mij de Vijfde Heer van de Nacht. Zie ook Ah Puch.

Kin Ich Ahaw: de zonnegod, een manifestatie van Itzamna. Voordat zijn hiëroglief werd ontcijferd werd hij God G genoemd. Zie Itzamna.

Konijn: totemdier van de Maan Godin, Chak Chel.

Krokodil: een krokodil verwijst naar de Melkweg en is het totemdier van het daggezicht Imox in de Tzolk’in kalender.

Kukulkan: zie Gucumatz. In de hooglanden Gucumatz genoemd, in Yucatan wordt Kukulkan gebruikt.

Lachende valk: zie Wak.

Landschildpad: werd waarschijnlijk geïdentificeerd met de zomer zonnewende.

Lucht: is het element van het noorden.

Maïsboom: zie Wereldboom.

Maïsgod: zie Hun Hunahpu.

Maïsgodin: in de Popol Vuh heet ze Xbaquiyalo en tijdens de Klassieke Periode de Na Godin. Zie Xbaquiyalo en Na Godin.

Mahucutah: hij is één van de vier eerste vaderen na de zondvloed en hij is verbonden met het noorden en lucht; zijn stamboom is onbekend.

Mam: zie God L. Mam betekent ‘grootvader’ en was een sigaren rokende god van rampen en aardbevingen, hij had ook macht over jaguars. In het huidige Guatemala is hij Maximom geworden.

Melkweg: de Melkweg wordt door de Maya’s gezien als een route of rivier die wordt geassocieerd met bliksem, regen en wind.

Mens: de mens is het symbool van de fysieke wereld.

Mictlantecuhtli: hij is de Azteekse god van de doden, van het Nummer Zes en bij de Azteken de Vijfde Heer van de Nacht. De afbeelding van Mictlantecuhtli is het dagteken Miquiztli, dat overeenkomt met het daggezicht Keme uit de Tzolk’in kalender.

Mol Ko Chi: is een manifestatie van God A’, Ah Puch, de god van de doden, als verzamelaar van honing. Zie Ah Puch.

Muan: wordt ook wel als Moan geschreven en is een krijsende uil of een ara papegaai, hij verwijst naar de dood en is het totemdier van het dagteken Keme.

Na Godin: ze is de maïsgodin van de Klassieke Periode, de godin van Nummer 1, de belichameling van maïszaad en haar manifestatie is een waterlelie. In de Popol Vuh heet ze Xbaquiyalo. Zie Xbaquiyalo.

Na Ho Chan: betekent letterlijk ‘Eerste Vijf Hemel’ en is het centrum van de Melkweg in het zwarte gat.

Negen Heren van de Nacht: de cyclus ‘Negen Heren van de Nacht’ duurt negen dagen. De Negen Heren van de Nacht zijn negen goden uit de spirituele wereld en iedere dag wordt door één van deze negen goden beheerst. De Maya’s noemen deze negen goden Bolon ti k’u, dat letterlijk ‘Negen in Heiligheid’ betekent, maar het is nog steeds onbekend wie deze negen goden zijn en daardoor worden ze G1, G2, G3, G4, G5, G6, G7, G8 en G9 genoemd. De Bolon ti k’u worden ook wel de jaguar goden genoemd, de goden van de spirituele wereld. De Negen Heren van de Nacht bij de Maya’s zijn volgens mij: K’awil, Hacavitz, Hunahpu, Wuqub Hunahpu, Keme, Soevereine Gucumatz, Chak Chel, Itzamna en Chak.

Noord: wordt aangeduid met de kleur wit en het bijbehorende element is lucht.

Och Chan: is een draak met een baard van Xibalba, K’awil is de essentie van deze draak. Zie K’awil.

Oost: wordt aangeduid met de kleur rood en het bijbehorende element is vuur. Het oosten staat symbool voor de levende wereld, geboorte en wedergeboorte.

Pawahtun: dit zijn vier goden die het hemelgewelf dragen net als de Bakabs en waarschijnlijk zijn ze dezelfde vier goden.

Peddelgoden: de peddelgoden zijn Jaguar Peddelaar en Pijlstaartrog Peddelaar. De Peddelgoden zijn de portierwachters naar de spirituele wereld en nauw verwant aan einden van perioden, het begin van nieuwe perioden, geboorte en dood.
Jaguar Peddelaar en Pijlstaartrog Peddelaar legden de eerste steen neer op de plaats ‘Eerste Vijf Hemel’, op Stèle C van Quirigua staat dat deze eerste steen de ‘Jaguar Troon Steen’ heette en die staat symbool voor het centrum van de Melkweg, ‘Eerste Vijf Hemel’ is dus het centrum van de Melkweg net zoals de jaguar troon een symbool van dit centrum is.
Het is niet bekend wie de peddelgoden zijn. Jaguar Peddelaar heeft het Aq’ab’al dagteken op zijn gezicht en Pijlstaartrog Peddelaar heeft het Kin dagteken op zijn. GIII is één van de twee peddelgoden en is volgens mij Wuqub Hunahpu.

Pilzintecutli: is een Azteekse god en wordt met bloemen en met jeugdigheid geassocieerd en is bij de Azteken de zonnegod en de Derde Heer van de Nacht.

Plongeon, Augustus le: hij was een amateur archeoloog en heeft een poging gedaan om een deel van de Troana Codex, dat nu onderdeel uitmaakt van de Madrid Codex, te vertalen. In zijn boeken Sacred Mysteries Among the Mayans and Quiches (1886) en Queen Moo and the Egyptian Sphinx (1896), schreef hij dat een oud continent, dat hij Mu noemde, door een vulkanische uitbarsting was verwoest. De Maya’s, Egyptenaren en andere oude beschavingen zouden de overlevenden van dit continent zijn, maar later toen men de hiërogliefen in de Madrid Codex beter kon begrijpen, bleek dat Augustus le Plongeon de teksten in de Troana Codex geheel verkeerd had geïnterpreteerd.

Popol Vuh: ook wel Pop Wuj genoemd, dit is het heilige boek van de K’iche’ Maya’s.

Possum: is een buidelrat die in Midden-Amerika voorkomt, de Latijnse naam is didelphis yucatanensis. Door zijn grijze vacht stond dit dier symbool voor een hoge leeftijd. Hunahpu Possum is een titel voor de scheppende god Xpiyacoc, Itzamna.

Quiché: dit is een andere schrijfwijze voor K’iche’. Zie K’iche’.

Quetzalcoatl: zie Gucumatz. Quetzalcoatl is de Azteekse naam voor Gucumatz, Quetzal Slang.

Quetzal Slang: zie Gucumatz.

Quetzal: dit is één van de mooiste vogels in Midden-Amerika en de nationale vogel van Guatemala, de Latijnse naam is Pharomachrus mocinno. De mannetjes hebben prachtige lange staartveren, die wel een meter lang kunnen worden en voor de Spaanse kolonisatie waren ze zeer waardevol voor de Maya’s. De quetzal voedt zich voornamelijk met vruchten, vooral met wilde avocado’s. Ze slikken de avocado volledig in en spugen daarna de grote pit uit.

Rat: een rat is hoogstwaarschijnlijk het symbool voor het sterrenbeeld de Kleine Beer.

Ratelslang: zijn Latijnse naam is crotalus durissus. De staart van de ratelslang is bij de Maya’s het symbool voor de Plejaden sterren en is ook een symbool voor overlijden.

Raxa Kaqulja’: zijn naam betekent letterlijk ‘Plotselinge of Blauw/Groene Bliksemflits’ en hij vormt samen met Kaqulja’ Huracan en Ch’ipi Kaqulja’ de drie bliksemgoden uit de Popol Vuh. Ze bestonden ook bij de Maya’s in de laaglanden en staan algemeen bekend als de drie goden van Palenque: GI, GII en GIII. Deze drie bliksemgoden kun je zien als de drie creaties of de drie kinderen van Huracan, ze verwijzen ook naar de planeten die aan het hemelgewelf rond gingen draaien. Raxa Kaqulja’ en daardoor ook GIII is volgens mij de god Wuqub Hunahpu. Zie Wuqub Hunahpu en GIII.

Slak: werd waarschijnlijk geassocieerd met de winter zonnewende en is bij de Nahua indianen het symbool voor geboorte en dood, reïncarnatie en voor de vruchtbaarheid van de aarde.

Slang: het is symbool voor wedergeboorte, vernieuwing en vruchtbaarheid van de aarde en het symbool voor het verbindingskanaal tussen de spirituele en de fysieke wereld.

Soevereine Gucumatz: Soevereine Gucumatz is een samensmelting van Xmucane en Ypiyacoc. Ik vermoed dat Soevereine Gucumatz (Quetzal Slang) de Zesde Heer van de Nacht is, doordat de zesde Azteekse heer van de nacht de godin Chalchiuhtlicue is, ze is de beschermster van het daggezicht Coatl, dat overeen komt met het daggezicht Kan in de Tzolk’in, dat slang betekent.

Ta Hol: dit is de Ahau gier, op Justin Kerr foto K8479 geeft hij Itzamna een sigaar.

Tepeu: dit is geen god, maar een titel. Het woord Tepeuh is afkomstig uit de Nahua taal dat in centraal Mexico werd gesproken door de Tolteken en de Azteken en betekent majesteit, waardigheid, heerschap en kracht. Ik heb tepeu vertaald als soeverein, net zoals Allen J. Christenson deze Engelse vertaling gebruikt in de vertaling van de Popol Vuh.

Tepeyollotl: hij is de Azteekse god van voorspellingen en magie, de jaguar van de nacht en de beschermer van het daggezicht Calli, dat overeenkomt met de dag Aq’ab’al uit de Tzolk’in kalender. Hij is bij de Azteken de Achtste Heer van de Nacht.

Tezcatlipoca: Azteekse naam; er waren in totaal vier Tezcatlipocas: Tezcatlipoca, Xipe Totec, Huitzilopochtli en Quetzalcoatl. Ieder van deze vier staat voor een richting.

Tlaloc: de Azteekse regengod en de beschermer van het daggezicht Mazatl, deze dag komt overeen met het daggezicht Queh in de Tzolk’in. Hij is bij de Azteken de Negende Heer van de Nacht.

Tohil: de vuurgod in de Popol Vuh.

Tzakol: in veel vertalingen van de Popol Vuh is zijn naam vertaald als de Schepper.

Tlazolteotl: ze is de Azteekse moedergodin en de moeder van de god Cinteotl. Tlazolteotl is ook de godin van het daggezicht Ocelotl, deze dag komt overeen met het daggezicht Ix in de Tzolk’in kalender en ze is bij de Azteken de Zevende Heer van de Nacht.

Tweede Zon: Deze begon waarschijnlijk op 10 februari 13.364 voor Chr. en eindigde waarschijnlijk op 11 mei 8.239 voor Chr. De Lange Telling datums tijdens het begin van de Tweede Zon waren volgens mij:
9 februari 13.364 v. Chr.: 12.19.19.17.19
10 februari 13.364 v. Chr.: 13.0.0.0.0, ook wel: 0.0.0.0.0
11 februari 13.364 v. Chr.: 0.0.0.0.1

Tzuk: was het woord voor de vier delen van de kosmos tijdens de klassieke periode.

Uil: wordt gezien als een voorteken van de dood.

Vallende ster: wordt gezien als een voorteken van de dood.

Venus Cyclus: één Venus cyclus duurt volgende de Maya’s gemiddeld 584 dagen (in werkelijkheid duurt het 583,92 dagen). De vier fasen van Venus tijdens een Venus cyclus lopen synchroon met de Tzolk’in kalender:
Venus als Morgenster en de twee fasen dat Venus niet zichtbaar is, beginnen altijd op één van de vijf Tzolk’in dagen: Hunahpu, Kat, Q’anil, Ee of Ahmak. En Venus verschijnt altijd voor het eerst als Avondster op één van de volgende vijf Tzolk’in dagen: Keme, Tz’i’, Ix, Tijax en Iq’.

Venus Ronde: één Venus Ronde bestaat uit 65 Venus cyclussen en duurt in totaal 37.960 dagen, dit zijn 104 Haäb cyclussen en 146 Tzolk’in cyclussen. Een Venus Ronde begint met de Tzolk’in dag 1 Hunahpu. Eén Venus Ronde komt precies overeen met twee Kalender Rondes.

Verheven Hemel Plaats: zie Wereldboom.

Vierde Zon: in deze tijd leven we momenteel. De Vierde Zon begon op 11 augustus 3.114 voor Chr. en eindigt op 20 december 2012. De Lange Telling datums rond het begin van de Vierde Zon waren als volgt:
10 augustus 3.114 v. Chr.: 12.19.19.17.19
11 augustus 3.114 v. Chr.: 13.0.0.0.0, ook wel: 0.0.0.0.0
12 augustus 3.114 v. Chr.: 0.0.0.0.1

Vijfde Zon: deze Zon begint op 21 december 2012 en eindigt op 21 maart 7.138 na Chr. De Lange Telling datums rond het begin van de Vijfde Zon zijn als volgt:
20 december 2012.: 12.19.19.17.19
21 december 2012: 13.0.0.0.0, ook wel: 0.0.0.0.0
22 december 2012: 0.0.0.0.1

Vleermuisgod: wordt geassocieerd met de onderwereld en is de god van de grotten. Op foto K1080 van Justin Kerr onthoofd een vleermuis Itzam Ye. De vleermuis is de hoofdgod van de Kaqchikel Maya’s.

Vlinder: staat symbool voor transformatie en vuur.

Vuur: staat symbool voor transformatie en is het element van het oosten.

Wak: de lachende valk, de Latijnse naam is herpetotheres cachinnans. Wak is in de Popol Vuh de dierlijke manifestatie van Itzamna en Wak werd tijdens de klassieke periode Itzam Ye genoemd. In veel delen van Midden-Amerika is de roep van de lachende valk een aanwijzing dat het regenseizoen begint. Lachende valken zitten meestal in de open toppen van bomen, en Itzam Ye, werd vaak zittend bovenin een boom afgebeeld. Vanuit de top van een boom roept de lachende valk om regen, Itzamna was de eerste sjamaan en vragen om regen is één van de vaardigheden van sjamanen. Deze aanwijzingen lijken er sterk op dat de Itzam Ye vogel is gebaseerd op de lachende valk.

Wakah Chan: zie Wereldboom.

Water: is het element van het zuiden.

Waterlelie: symbool voor het leven na de dood, reïncarnatie. De waterlelie is de manifestatie van de Na Godin, de eerste vrouw van Hun Hunahpu, ze heet in de Popol Vuh Xbaquiyalo.

Waterlelie Vogel Slang: dit is de manifestatie van Itzamna. De Waterlelie Vogel Slang is de goddelijke beschermer van Nummer 13.

Wereldboom: wordt ook wel de Levensboom genoemd, de Maya’s noemen de Wereldboom Wakah Chan. Kunstenaars uit de Klassieke Maya periode beeldden de Wereldboom ook wel als een maïsboom af, vol met rijpe maïskolven en ook wel in de vorm van een krokodil, zie Stèle 25 van Izapa. In een menselijke vorm werd de Wereldboom afgebeeld als het gezicht van de maïsgod (zie Hun Hunahpu). In Palenque en in Copan wordt de Wereldboom Na Te’ K’an genoemd, dat letterlijk ‘Eerste Boom Heilig’ betekent. Deze maïsboom staat symbool voor geboorte, overlijden en reïncarnatie.

West: wordt aangeduid met de kleur zwart en het bijbehorende element is aarde.

Witlippekari: is een groot wild zwijn met witte haren, de Latijnse naam is peccari angulatus yucatanensis. Op een aantal afbeeldingen van de klassieke Maya’s is Itzamna afgebeeld terwijl hij op een groot wild zwijn rijdt. Dit wilde zwijn was voor de klassieke Maya’s het symbool voor het sterrenbeeld Tweelingen en is een dierlijke manifestatie van Itzamna.

Witsnuitneusbeer is een neusbeer met een witte snuit en wordt ook wel coati genoemd, de Latijnse naam is nasua narica. Ze is een dierlijke manifestatie van Xmucane.

Witz: een bergmonster.

Wuqub: betekent zeven.

Wuqub Hunahpu: hij is de zoon van Itzamna en Chak Chel en de tweelingbroer van Hun Hunahpu. Wuqub Hunahpu is het symbool voor de planeet Venus als Avondster. Volgens mij is Wuqub Hunahpu gelijk aan god GIII en is hij de Vierde Heer van de Nacht.

Wuqub Kaquix: de vogel Zeven Ara in de Popol Vuh, een vogel die prachtige blauwe tanden en metalen ogen had. Uit de klassieke teksten blijkt dat Wuqub Kaquix zichzelf heel mooi vond, waardoor hij zichzelf als de zon uitriep en iedereen moest hem aanbeden. Hij is het symbool van het tijdperk van de Tweede Zon, toen de houten mensen op aarde leefden.

Xbalanque: hij vormt samen met Hunahpu de jonge Heldentweeling, de klassieke Maya’s noemden hem Yax Balam, dat ‘Turquoise Jaguar’ betekent, dit is een verwijzing naar het spirituele centrum. Xbalanque is de zoon van Hun Hunahpu en hij staat symbool voor de volle maan. Voordat de hiëroglief van zijn naam ontcijferd was werd hij God CH genoemd.

Xbalanke: zie Xbalanque.

Xbaquiyalo: ze is de eerste vrouw van Hun Hunahpu en samen hebben ze een tweeling: Hun Batz en Hun Chouen. Haar naam betekent letterlijk ‘Dame Bot Water’. Dennis Tedlock vertaalde haar naam als ‘Dame Reiger’, doordat één van de Yucateekse namen voor reiger en kraanvogel vertaald kan worden als ‘bot water’. Hij beredeneerde ook dat deze naam verbonden was met een wezen in Palenque die de vorm van een watervogel had en dat deze vogel een reiger is. Onlangs heeft David Stuart aangetoond dat de Palenque vogel hoogstwaarschijnlijk een zwarte aalscholver is en dat dit wezen mannelijk is. Hoogstwaarschijnlijk had de godin Xbaquiyalo een witte watervogel vorm. Ze is de maïsgodin en tijdens de Klassieke Maya periode werd ze de Na Godin genoemd. Zie Na Godin.

Xibalba: het middelpunt van de Melkweg en wordt vaak vertaald als de onderwereld, dat volgens mij een verkeerde benaming is.

Xibalba Be: de donkere kloof, of grote spleet, in de Melkweg bij het zwarte gat, de Maya’s noemen dit de weg naar Xibalba.

Xiuhtecuhtli: Azteekse god, zijn naam betekent de ‘Turquoise Heer’ en hij stond ook bekend als Ixcozauhquie en Huehueteotl. Hij was de personificatie van het leven na de dood, warmte in koude (vuur), licht in de duisternis en voedsel tijdens voedselschaarste. Hij werd meestal met een rood of geel gezicht afgebeeld en een wierookvat op zijn hoofd. Zijn vrouw was Chalchiuhtlicue. Volgens de codex Fejervary-Mayer, was Xiuhtecuhtli “de Moeder en Vader van alle Goden, die woont in het centrum van de aarde”. Hij is bij de Azteken de Eerste Heer van de Nacht en de beschermer van het Azteekse daggezicht Atl, deze dag komt overeen met de dag Toh uit de Tzolk’in kalender.

Xkik’: haar naam betekent letterlijk Mevrouw Bloed, ze werd zwanger door het speeksel van de schedel van Hun Hunahpu en Wuqub Hunahpu en vervolgens brengt ze twee zonen, Hunahpu en Xbalanque, ter wereld. Ze is dus de tweede vrouw van Hun Hunahpu.

Xmucane: is de hoogste godin van de hoogland Maya’s en ze is de vrouw van Xpiyacoc in de Popol Vuh. Samen vormen ze de twee hoogste goden in de Maya religie. Ze wordt ook wel Ixmucane genoemd. Ze wordt geassocieerd met de zondvloed, voorspellingen, sjamanen, medicijnen, geboorte van kinderen, vroedvrouwen en weefsters. De zevende Azteekse heer van de nacht is de godin Tlazolteotl, ze is de moedergodin en de moeder van de god Cinteotl die volgens mij overeenkomt met Wuqub Hunahpu. Chak Chel, Xmucane, is de moeder van Wuqub Hunahpu en de moedergodin, hierdoor denk ik dat ze de Zevende Heer van de Nacht is. In de laaglanden werd ze Chak Chel genoemd, zie Chak Chel.

Xpiyacoc: is de hoogste mannelijke god van de hoogland Maya’s en is de man van Xmucane. Samen vormen ze de twee hoogste goden in de Maya religie. In de laaglanden werd hij Itzamna genoemd, hij is de beschermheilige van de dag Aq’ab’al en hij is volgens mij ook de Achtste Heer van de Nacht. Xpiyacoc en Xmucane hebben twee zonen, een tweeling: Hun Hunahpu en Wuqub Hunahpu, Hun Hunahpu is de maïsgod. Zie ook Itzamna.

Yax: is de kleur turquoise, blauw / groen, en staat symbool voor het centrum, het hart, van de Melkweg.

Yax Balam: zie Xbalanque. Yax Balam betekent letterlijk ‘Turquoise Jaguar’.

Yax Itzam: zie Itzam Ye.

Zak Xib Chak: de witte Chak (Bakab) van het noorden. Zie Chak.

Zeven Ara: zie Wuqub Kaquix.

Zuid: wordt aangeduid met de kleur geel en het bijbehorende element is water.


© 2008, ‘Maya Mysteriën Ontwaken. Verheldering van het geloof, kalenders en
veranderingen van deze tijd.
Mike Geubel

0 comments:

Een reactie plaatsen