zondag 2 oktober 2011

Sjamanen communiceren met DNA


Tijdens mijn vakantie heb ik een aantal boeken gelezen over sjamanisme. De tekst hieronder vond ik heel interessant en vernieuwend, het komt uit het boek ‘The Cosmic Serpent, DNA and the Origins of Knowledge’ geschreven door Jeremy Narby. Ik heb de tekst vanuit het Engels vertaald.

LSD wekt meestal geen echte hallucinaties op, waarbij de beelden met de werkelijkheid verward worden. Mensen die onder invloed zijn van LSD, weten bijna altijd dat de visuele verstoringen of de reeksen van punten en kleuren die ze zien niet echt zijn, maar ontstaan door de werking van een psychedelisch middel. LSD is in dit geval een ‘pseudo-hallucinator’.

De meeste wetenschappelijke studies die naar hallucinaties zijn gedaan, zijn met mensen gedaan die onder invloed van LSD waren; ze focusten zich dus vooral op een stof dat geen echte hallucinaties geeft. Wetenschappers negeerden de natuurlijke stoffen die reeds duizenden jaren door honderden mensen werden gebruikt, en ze gaven de voorkeur aan een synthetische stof die in een laboratorium uit de 20e eeuw werd ontwikkeld.


In 1979 werd ontdekt dat de hersenen dimethyltryptamine afscheiden, dit is één van de actieve ingrediënten van ayahuasca. Deze stoffen genereren echte hallucinaties waarbij de visioenen de normale realiteit overtuigend vervangen, zoals fluoriserende slangen waarvoor je jezelf verontschuldigd als je erop trapt. Helaas is er bijna geen wetenschappelijk onderzoek naar dimethyltryptamine gedaan. Tot op heden zijn de klinische studies naar de effecten op “normale” mensen op één hand te tellen.

Er zijn ontelbare voorbeelden van sjamanistische ladders op alle vijf continenten, hier een “spiraal ladder”, daar een “trap” of “gevlochten touwen”. In Australië, Tibet, Nepal, het Oude Egypte, Afrika, Noord- en Zuid-Amerika, betekent het symbool van het touw communicatie tussen hemel en aarde. Door middel van een touw of een ladder (en ook door een wijnstok, een brug, een ketting, of pijlen, enz.) dalen goden af naar de aarde en gaan mensen omhoog naar de hemel. Volgens Eliade, is de sjamanistische ladder de oudste versie van het idee van de as van de wereld, die de verschillende niveaus van de kosmos verbinden, en komt in vele scheppingsmythen in de vorm van een boom voor.


De levensmolecuul die genetische informatie bevat is hetzelfde voor alle soorten. Het animistische geloof, waarbij alle levende wezens door hetzelfde principe bezield zijn is door de ontdekking van DNA bevestigd. De levensmolecuul is hetzelfde voor alle soorten en de genetische informatie in een roos, een bacterie, of in een mens is gecodeerd in een universele taal van vier letters: A, G, C en T, dat vier chemische onderdelen zijn in de dubbele DNA helix.
Belangrijke scheppingsgoden zijn in hun eerste afbeelding altijd kosmische slangen. De zichtbare slang verschijnt meer als de korte incarnatie van een Grote Onzichtbare Slang, die reden gevend en tijdloos is, een meester van het essentiële principe en van alle natuurkrachten. Het is een primaire oude god aan het begin van alle kosmologieën, voor het geloof in één God en de rede het liet vallen.

De mensen die zich bezig houden met wat we sjamanisme noemen communiceren met DNA.

Het leek erop dat niemand de mogelijke verbindingen tussen de mythen van “primitieve mensen” en moleculaire biologie was opgevallen. Niemand had gezien dat de dubbele helix over de gehele wereld gedurende duizenden jaren een symbool was voor het levensprincipe. Er werd gezegd dat hallucinaties op geen enkele manier een bron voor kennis konden zijn, dat de Indianen hun bruikbare moleculen door toevals experimenten hadden gevonden, en dat hun mythen precies mythen waren, die geen relatie hadden met de echte kennis ontdekt in laboratoria.

De geesten die iemand in hallucinaties ziet zijn driedimensionaal, zenden geluid en beelden uit, en ze spreken een taal die bestaat uit driedimensionale beelden en geluiden. In andere woorden, ze zijn gemaakt van hun eigen taal, zoals DNA. En net als DNA vermenigvuldigen ze zichzelf om hun informatie door te geven.

Francis Crick, de Nobelprijs winnaar en medeontdekker van de DNA structuur, suggereerde dat de levensmolecuul van buitenaardse oorsprong was – op dezelfde manier dat de animistische mensen beweerden dat het levensbeginsel een slang van de kosmos was.
Aan het begin van de jaren 80 bekritiseerde Crick de gebruikelijke wetenschappelijke theorie over de oorsprong van het leven, volgens welke een cel voor het eerst verscheen in de primitieve soep door willekeurige botsingen van ongeorganiseerde moleculen. Voor Crick is deze theorie een grote stap terug, want het is gebaseerd op ideeën die in de 19e eeuw zijn bedacht, lang voordat de moleculaire biologie onthulde dat de basis mechanismen van leven voor alle soorten hetzelfde en extreem complex zijn – en als je de mogelijkheid berekent dat dit door toeval is ontstaan, dan eindig je met onvoorstelbaar kleine getallen.
Het DNA molecuul, dat uitblinkt door informatie op te slaan en te kopieren, is in staat om zichzelf op te bouwen. Crick concludeert dat de georganiseerde complexiteit op celniveau ‘niet door puur toeval kan zijn ontstaan’.

Als de schepper van leven is de kosmische slang een meester in gedaantewisselingen. In de mythen van de wereld war het een centrale rol speelt, schept het door zichzelf te transformeren; het verandert terwijl het hetzelfde blijft.

De vier basen van DNA zijn onoplosbaar in water, ze plooien zichzelf in het centrum van de molecuul waar ze samen komen in paren om zo de sporten van de ladder te vormen; dan draaien ze omhoog in een gespiraalde stapel om contact met het omringende water molecuul te voorkomen. De gedraaide laddervorm van DNA is een direct gevolg van de waterige omgeving, DNA gaat samen met water, net zoals de mythische slang.

De natuur geesten communiceren met mensen in hallucinaties en dromen, in andere woorden, in mentale beelden. Een plant kan niet praten, maar er zit een geest in die bewust is, dat alles ziet, dat de ziel van de plant is, zijn essentie, dat het levend maakt.

De Ayahuasqueros zeiden dat de zeer geavanceerde geluidsbeelden die ze in hun hallucinaties zien en horen interactief zijn, en dat het mogelijk was om met ze te communiceren.
Mensen die ayahuasca drinken zien grote en kleurrijke slangen, meer dan ieder ander visioen; al is het een Tukano Indiaan, een verstedelijkte sjamaan, een antropoloog, of een dolende Amerikaanse dichter.

DNA straalt fotonen uit, met zo’n regelmaat dat onderzoekers het vergelijken met een “hele zwakke laser”. Een gebundelde lichtbron, zoals een laser, geeft de sensatie van felle kleuren, een helderheid, en een indruk van holografische diepte.
Bewustzijn kan het elektromagnetische veld zijn dat bestaat uit de som van deze uitstralingen. Maar ons begrip van de neurologische basis van bewustzijn is nog steeds zeer beperkt.

Hoe kan de natuur niet bewust zijn, als ons eigen bewustzijn door de natuur is gemaakt?

Tijdens het lezen van het boek kwamen bij mij veel nieuwe vragen naar boven, dat wellicht interessant nieuw stof is om te onderzoeken:
  • Worden al onze ervaringen in ons DNA opgeslagen?
  • Is ons DNA soms de plek waar ons bewustzijn zit?
  • Bestaat onze ziel ook uit DNA en gaat dus ons DNA mee als we overgaan?
  • En is het DNA dan onsterfelijk en slaat het al onze ervaringen op?
  • En ons aura, is dat ook DNA?
Nog een paar onvoorstelbare feiten over ons DNA uit hetzelfde boek: DNA in ons lichaam is enorm lang, je kunt het 5 miljoen keer om de Aarde wikkelen. Het is kleiner dan het zichtbare licht; het is onzichtbaar voor ons.


Afbeelding van hallucinatie van: http://ancientcivilizationsbc.com/cosmic-connection
Foto Peruaanse sjamaan: http://shaman-spirit.blogspot.com/


0 comments:

Een reactie posten