In de tijd van de Inca’s rees Orion in het oosten en zonk hij met dezelfde precisie in het westen. Deze bevoorrechte positie aan het firmament maakte van dit sterrenbeeld een ontmoetingspunt tussen beide hemisferen. De Aymara van het hoogland tussen Peru en Bolivia noemen het Chaka Silthu, de “brug” die de twee delen van de hemel met elkaar verbindt — al bedoelen zij eigenlijk alleen de drie helderste sterren van Orions gordel, in Latijns-Amerika bekend als Las Tres Marías.
Tot ongeveer 1000 v.Chr. liep de hemelse evenaar precies door het midden van deze gordel, door de ster Alnilam, die als de scheidslijn tussen de twee helftes van de hemel werd gezien. In de taal van de Aymara heet die lijn Jana T’akka — jana betekent “hemel” en t’akka “snede" of “breuk”.
In de Quechua-cultuur is Orion bekend als de Chakana, wat eveneens verwijst naar de drie sterren van de gordel die de hemel in tweeën verdelen. Dit machtige teken aan de nachtelijke hemel werd beschouwd als een brug waarlangs de ziel van de mens na de dood de hemelse rivier — de Melkweg — kon oversteken. Andere Andes mythen spreken van een ladder, waarlangs de zielen naar Hanan Pacha, het hemelrijk, opstegen.
Deze oeroude verhalen en symbolen leven nog altijd voort, zij het vaak in vermengde of vervormde vorm — echo’s van een tijd toen hemel en aarde, mythe en werkelijkheid, nog één waren.
Bron: Erwin Salazar Garcés - The INKA ASTRONOMY Handbook. CULTURAL ASTRONOMY: Archaeo & Ethno Astronomy.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten